Misschien is het een ergernis waar ik alleen zelf last van heb, maar mijn relatie met mijn reisplanner laat nogal te wensen over. Ik ben talloze keren vreemd gegaan met andere ov-planners, maar toch kom ik elke keer weer terug bij die verdomde NS-reisplanner, terwijl je wéét dat er niemand echt gelukkig van wordt. “Echt, dit is de snelste route.” keer op keer, alleen maar manipulatief gezeik…
Ik ben er maar mee naar de relatietherapeut gegaan, en ironosch genoeg heeft meneertje reisplanner mij daarheen begeleid. Bij deze een aantal grepen uit de talloze therapiesessies.
Daar zit je dan, met z’n drieën in een muffe praktijkruimte. Een plant die al drie maanden geleden gestorven lijkt te zijn, een klok die net een beetje te hard tikt, en natuurlijk de therapeut. Die per ja-knik overigens een factuur van €500 stuurt. Tegenover me zit m’n reisplanner, zelfverzekerd en glimlachend, alsof hij me gisteren niet 24 minuten op Amsterdam Lelylaan heeft laten vernikkelen.
Voorbeeld 1
Therapeut: “Kan één van jullie eens een voorbeeld geven van een conflict dat jullie regelmatig hebben?”
Ik: “Ja, hier.” Ik laat mijn telefoonscherm zien. “Hij vindt het realistisch dat ik in twee minuten op Utrecht van het ene perron naar het andere vlieg, zes trappen op ren, langs een groep oudjes slalom en dan nog beleefd vraag of ik er even langs mag. Twee fucking minuten.”
Reisplanner: “Volgens dienstregeling is dat gewoon te halen hoor.”
Ik: “Volgens jóúw dienstregeling ja. Niet volgens mijn realiteit én levensvreugde.”
Therapeut: “Hoe voelt het als de reisplanner zoiets voorstelt?”
Ik: “Alsof je aan het daten bent, die persoon constant over je grenzen heen gaat en ook nog eens durft te zeggen ‘dat het gewoon kan’.”
Reisplanner: “Tijdens het plannen is geen rekening gehouden met eventuele drukte op het perron. Je bent zelf verantwoordelijk voor het tijdig overstappen.”
Ik: “Dat is makkelijk gezegd, als jij niet degene bent die z’n longen uit het lijf moet hollen. Prima joh…”
Voorbeeld 2
Therapeut: “Wat vind je het meest irritant aan de planner?”
Ik: “De vreemde obsessie met bussen, eens in de zoveel tijd.”
Reisplanner: “Tsja, met buslijn 18 kom je er nu eenmaal het snelst. Dat valt niet te ontkennen.”
Ik: “Ik kan er ook gewoon in tien minuten naartoe lopen en nog twee euro tachtig besparen ook!”
Reisplanner: “Lopen is een alternatief, wil je die optie tonen?”
Ik: “Kom je nou mee, botte lul. Een week geleden probeerde je me nog in een stinkblik op wielen te proppen voor 5 minuten tijdswinst. Lopen was volgens jou absoluut uit den boze.”
Reisplanner: “Ik optimaliseer voor reistijd, dat is wat de meesten zoeken in iemand als ik.”
Ik: “Voeg daar maar nul optimalisatie voor menselijkheid, levensvreugde en kosten aan toe. Je bent de belichaming van ‘we pakken de bus wel even’ als levensfilosofie.”
Therapeut: “Ik begrijp dat je het gevoel hebt dat de planner niet naar je grenzen luistert, of ze niet accepteert?”
Ik: “Zeg dat wel. Voor hem is het leven één grote excel-sheet.
Voorbeeld 3
Ik: Om het maar nog niet over vertragingen te hebben, verdomme.”
Reisplanner: “Er zijn geen storingen op je traject.”
Ik: “Totdat er wel eentje is, en je een simpel berichtje stuurt dat ik het zelf allemaal mag uitzoeken, terwijl ik in het holst van de nacht op Centraal sta. En soms zeg je helemaal niks!”
Reisplanner: “De informatie die ik weergeef is afhankelijk van wat andere vervoerders aanleveren.”
Ik: “En daarom ga ik ook al vreemd met alle andere reisplanners ooit! Die laten tenminste wél de juiste informatie zien. Het is overigens ook gaslighting ten top: zeggen dat alles rijdt, terwijl door blad op het spoor heel Utrecht uitvalt.”
Therapeut: “Voel je je dan niet gezien?”
Ik: “Ik voel me eerder als een proefkonijn in een hele vreemde proef.”
Voorbeeld 4
Therapeut: “Hebben jullie wel eens een goede dag samen?”
Ik: “Ja, soms. Soms plant ‘ie de perfecte route. Haalbare overstap, voor de hand liggend traject, geen bussen, alsof alles op zijn plek valt. Als ik dan ook maar één seconde denk ‘misschien is hij toch veranderd’, flikkert hij de volgende dag weer roet in het eten door me naar een of andere verlaten bushalte te leiden omdat drie overstappen blijkbaar efficienter waren dan één.”
Reisplanner: “Dat weet ik nog. Die route was geoptimaliseerd op reistijd en overstapmomenten.”
Ik: “Overstapmomenten? Ik stond DRIE keer te vernikkelen in de nachtelijke Sahara met een zandstorm van windkracht zeven. Dat is emotionele mishandeling pur sang.”
Aan het einde van deze sessie concludeerde de therapeut dat we “nog een hoop werk te verzetten hebben wat betreft de communicatie”. Ondertussen krijg ik telkens weer nieuwe routes voorgesteld, compleet van God los. Deze hel verandert nooit, ammenooitniet.